Reglement Ridders van de Weg

Artikel 1. Doelstelling
Het TVM veiligheidsplan van Stichting TVM veiligheidsplan. (hierna: TVM) heeft ten doel om ongelukken en schade zoveel mogelijk te voorkomen, zodat de gevolgen op het menselijke en het financiële vlak zo klein mogelijk blijven. Het instituut Ridders van de Weg vormt een wezenlijk onderdeel van het TVM veiligheidsplan.

Artikel 2. Deelnemers
De bij TVM verzekerde bedrijven die werkzaam zijn in het goederenvervoer over de weg, die het doel van het veiligheidsplan onderschrijven en systemen ter voorkoming van schade in hun bedrijf toepassen, kunnen deelnemer aan het veiligheidsplan worden. Vanaf 1 januari 1990 is elk bedrijf dat haar vrachtautopark bij TVM onderbrengt, automatisch deelnemer aan het TVM veiligheidsplan.

Artikel 3. Onderscheidingen
TVM verleent aan de vrachtautochauffeur met een rijbewijs categorie "C", werkzaam bij een deelnemer aan het veiligheidsplan, onderscheidingen voor schuldvrij rijden gedurende een bepaalde periode. Onder schuldvrij rijden wordt in dit reglement verstaan: niet bij schade betrokken geweest, dan wel geheel vrij van schuld bij schade betrokken geweest. De volgende onderscheidingen worden verleend:
a. Ridder van de Weg der Derde klasse met certificaat en insigne in BRONS, na schuldvrij rijden gedurende drie aaneengesloten kalenderjaren;
b. Ridder van de Weg der Tweede klasse met certificaat, baton en insigne in ZILVER, na schuldvrij rijden gedurende vijf aaneengesloten kalenderjaren;
c. Ridder van de Weg der Eerste klasse met certificaat, baton en insigne in GOUD, na schuldvrij rijden gedurende tien aaneengesloten kalenderjaren, waarvan tenminste vijf jaren nadat hem het zilveren insigne met bijbehorende certificaat is uitgereikt;
d. Ridder van de Weg der Ereklasse met certificaat, baton en insigne in GOUD en DIAMANT, na schuldvrij rijden gedurende twintig aaneengesloten kalenderjaren, waarvan tenminste tien jaren nadat hem het gouden insigne met bijbehorende certificaat is uitgereikt.

Artikel 4. Aanvullende normen
Naast de eisen die Artikel 3 stelt, zal de Ridder in de daarbij gestelde periode ook niet bij het rijden met een personenauto of een ander voertuig, een veroordeling, straf of maatregel mogen hebben opgelopen ter zake van rijden onder invloed, ofwel ter zake dood en/of letsel door aanrijding, ofwel ter zake doorrijden na aanrijding zonder zijn identiteit kenbaar te hebben gemaakt.

Artikel 5. Deelname, voordracht en gegevens
5.1. Deelname - TVM nodigt jaarlijks in het eerste kwartaal vrachtautochauffeurs van veiligheidsplandeelnemers uit om toestemming te geven voor deelname aan de procedure voor het Ridderschap.
5.2. Opvraging gegevens - Door mee te doen aan de procedure voor het Ridderschap geeft de vrachtautochauffeur toestemming aan TVM om gegevens die noodzakelijk zijn om vast te stellen of de vrachtautochauffeur in aanmerking komt voor het Ridderschap op te vragen en/of te verifiëren bij diens (oud-) werkgevers voor zover deze deelnemen aan het veiligheidsplan.
5.3 Voordracht - De werkgever draagt de vrachtautochauffeur die in aanmerking komt voor het Ridderschap, onder verstrekking van aanvullende gegevens betreffende diens staat van dienst, voor als kandidaat voor het Ridderschap.

Artikel 6. Controle
TVM controleert de kandidaturen aan de hand van de schadegegevens voor zover die bekend zijn, zulks eveneens met inachtneming van de Artikelen 3 en 4.